De rivier de Vecht meandert door Utrecht en Noord-Holland en is slechts 42 kilometer lang. Maar langs de oevers liggen verschillende schattige dorpen en vele chique landgoederen. Op het stuk tussen Nieuwersluis en Oud-Zuilen vaart de Fietsboot. De fiets mag dus mee, maar ook passagiers zonder zijn welkom.

Op het stuk tussen Nieuwersluis en Oud-Zuilen vaart de Fietsboot

Maarssen wordt wel klein Amsterdam genoemd vanwege de grachten en grachtenpanden
De Fietsboot vertrekt ’s morgens om 11.00 uur uit Nieuwersluis. De laatste koffiestop aan de wal is het terras van BRKLN Café (in Nieuwersluis). En dan via het bruggetje en langs de voormalige Willem III kazerne, nu vrouwengevangenis, naar de boot. Normaal is er plaats voor 60 passagiers, in Corona-tijd slechts voor 15. De boot is open, dus zonnebrand mee, en een regenjas voor je weet maar nooit. Aan boord is trouwens ook koffie en thee te koop, leer ik al snel.

De Fietsboot vertrekt vanuit Nieuwersluis
Buitenplaatsen aan de Vecht
De Vecht was in de 17de en 18de eeuw populair bij mensen die aan de stadse drukte (en viezigheid) wilden ontsnappen, zoals Amsterdamse zijdehandelaren. Ze lieten waanzinnige buitenplaatsen en kasteeltjes bouwen. De man des huizes ging doordeweeks met een trekschuit naar Amsterdam om te werken, de rest van het gezin genoot zomers van het buitenleven. Ongeveer 50 van de 200 buitenplaatsen zijn er nog. Mensen die langs de Vecht wonen hebben de plicht hun huizen goed te onderhouden, vertelt een van de vrijwilligers aan boord. Iedereen houdt zich eraan, op een eigenaar na. En dat pand ziet er dan ook niet uit, met afbladderende raamkozijnen. Zonde.

We passeren prachtige buitenplaatsen en kastelen zoals Rupelmonde
Breukelen wordt Brooklyn
We passeren prachtige huizen en kastelen als Rupelmonde en Sterreschans voor we bij Breukelen arriveren. Ik had er nooit bij stilgestaan maar Breukelen blijkt de naamgever van de New Yorkse wijk Brooklyn. De wijk werd zo genoemd door immigranten die zich in de 17de eeuw in Amerika vestigden.
In Breukelen staat ook het middeleeuwse kasteel Nijenrode. Inmiddels de thuisbasis van Nyenrode Business University, de enige privé-universiteit van Nederland. In de tien jaar voor het begin van WOII woonde hier de bekende kunsthandelaar Jacques Goudstikker. Hij overleed tijdens zijn vlucht naar Engeland in 1940. Daarna werd het pand onder druk aan Duitsers verkocht. Na de oorlog werd het de thuisbasis van de universiteit. Vanaf het water is een van de twee ophaalbruggen goed te zien. Wat een locatie voor een campus.

Kasteel Nijenrode werd in 1946 universiteit

Een van de toegangspoorten tot universiteit Nyenrode
Theekoepels en peperdure thee
Iets verderop ligt kasteel Oudaen, een van de weinige gebouwen die het rampjaar 1673 overleefde. De Fransen vernietigden in dat jaar alle kastelen en vele buitenplaatsen langs de Vecht. Gelukkig werden veel ervan weer opgebouwd. Inclusief een theekoepel aan het water. Ook toen was zien en gezien worden een dingetje. Vooral als je thee dronk, moest je gespot worden, want dat was in de 17de eeuw een peperduur drankje.
Bij gebrek aan een eigen theekoepel kun je nu relaxen bij restaurant Buitenplaats Slangevegt met een top-terras aan het water. Tot 1913 woonde hier Kees Dudok de Wit. Zijn bijnaam was Kees de Tippelaar omdat hij de hele wereld over wandelde.

In de theekoepels dronk de adel peperdure thee

Buitenplaats Slangevegt met een top-terras aan het water
Dakpannen als beschoeiing
Vrijwilligers aan boord vertellen volop over wat er nu nog te zien is en over de historie van de regio. Ooit stonden er verschillende steenfabrieken langs de Vecht die onder meer bakstenen en dakpannen maken. Mislukte dakpannen werden gebruikt als beschoeiing. Als je het eenmaal weet, zie je op steeds meer plekken dakpanbeschoeiingen net boven het water uitsteken.

Vrijwilligers vertellen wat er onderweg te zien is.
Maarssen en Huis ten Bosch
Naarmate het later wordt, wordt het ook drukker op het water. Niet met grote schepen, op een enkele toeristische boot na, maar vooral kleine jachtjes en kano’s. Plus veel SUP-planken. SUPPEN is het nieuwe kanoën. Zelden zoveel mensen op een plank zien staan. We varen Maarssen binnen, ofwel klein Amsterdam. Een heel bescheiden Amsterdam dan maar het dorp ziet er wel ontzettend gezellig uit met verschillende terrasjes aan het water en prachtige grachtenpandjes. In de bocht ligt Huis ten Bosch, de oudste buitenplaats aan de Vecht. Dit plaatje is gebouwd door architect Jacob van Kampen. Jawel, de man die later het Paleis op de Dam bouwde.

In de bocht bij Maarssen ligt Huis ten Bosch

SUPPEN is erg populair op de Vecht
Trouwen in Oud-Zuilen
Oud maakt heel even plaats voor nieuw bij Op Buuren waar sinds 2008 een nieuwe wijk gebouwd wordt, maar wel in de stijl van oude huizen. Dan komt Oud-Zuilen in zicht. Oud-Zuilen is het keerpunt van de Fietsboot en ook een van de meest idyllische aanlegplaatsen. We leggen vlakbij het oude Hervormde kerkje aan. In dat kerkje trouwden mijn voorouders Cornelis Coninck en Gijsbertjen Gerrits als eerste echtpaar. Later gevolgd door onder andere de schrijfster Belle van Zuylen, een feministe avant la lettre.

In dit kerkje trouwden mijn voorouders Cornelis Coninck en Gijsbertjen Gerrits
Slot Zuylen en Belle
Belle woonde in Slot Zuylen. En dat ligt op enkele minuten loopafstand van de aanlegplaats. Zeker een bezoek waard. Met een app volg je binnen een rondleiding en kom je van alles te weten over Belle en andere bewoners van het slot. Rond het slot ligt een prachtige tuin met een oude slangenmuur. Een golvende muur die speciaal zo gebouwd werd om subtropische vruchtenbomen beter te laten groeien. Je kunt bij het kasteel ook een picknickmand bestellen voor een lunch in de openlucht op een mooi plekje in de tuin. Heb je zelf iets te eten meegenomen? Tegenover het kerkje, aan de overkant van het water, is een parkje waar het heerlijk relaxen is met zicht op de Vecht.

De tuinen van Slot Zuylen in Oud-Zuilen

Doorkijkje van werkkamer naar bibliotheek in Slot Zuylen

Een van de kamers in Slot Zuylen, Oud-Zuilen

Een portret van Belle van Zuilen

Picknicken langs de Vecht met uitzicht op Oud-Zuilen
Meer informatie: De Fietsboot
De Fietsboot vaart over de Vecht. De beginhalte ligt in Nieuwersluis waar de boot om 11.00 uur vertrekt richting Oud-Zuilen. Vandaar gaat de Fietsboot terug naar Nieuwersluis waar de tocht ’s middags om 16.15 uur eindigt. Er zijn in totaal vijf haltes en je kunt bij iedere halte in- of uitstappen. De fiets kan natuurlijk mee. Tijdens de vaart kun je zelfs je e-bike gratis opladen aan boord. Meer over de zones en prijzen vind je op de website van de Fietsboot.

De Fietsboot vaart over de Vecht tussen Nieuwersluis en Oud-Zuilen
Regenjas van Regatta
Tijdens een zomers dagje uit is een lichte regenjas altijd handig. De zon kan zomaar achter enkele donderwolken verdwijnen. Dan is een water- en winddichte jas wel zo comfy. Dit roze kleurtje valt goed op, handig als je op autowegen fietst of wandelt. Nog een voordeel van deze Highton jas van Regatta is dat hij lekker licht is. Dus als de zon blijft schijnen, vouw je hem klein op en stop je hem makkelijk in je tas.
De sluis waarop ik hier sta is trouwens onderdeel van de Hollandse Waterlinie. Voor doorgewinterde wandelaars: er is een wandelpad van 350 kilometer langs forten en sluizen die allemaal tot de Waterlinie behoren. Het Waterliniepad loopt van Volendam tot Dordrecht.

De Highton regenjas van Regatta
Overnachten langs de Vecht
-
Logement aan de Vecht – Breukelen
Logeren in stijl doe je bij deze B&B in de stijl van de grote buitenplaatsen die je zoveel vindt langs de Vecht. Hier slaap je in de sfeer van voorbije eeuwen, in klassiek (met soms een hippe twist) ingerichte kamers en suites. Logement aan de Vecht ligt natuurlijk aan het water waar je in alle rust kunt genieten van voorbijvarende boten, bijvoorbeeld tijdens een chique high tea. Na het ontbijt fiets je een stuk langs de Vecht of stap je op de Fietsboot om je B&B ook vanaf het water te bewonderen. Speciaal voor gasten van Logement aan de Vecht meert de Fietsboot bij de B&B aan.
-
Logement Swaenenvecht, Oud-Zuilen
Wat een plaatje, deze B&B bij de brug aan de Vecht in Oud-Zuilen. Oude tijden herleven in dit mooie pand met de zonnewijzer en de afbeelding van twee vechtende zwanen op de gevel. Vanuit de B&B loop je in enkele minuten naar Slot Zuylen.

B&B Logement Swaenenvecht in Oud-Zuilen
Hip slapen kan ook in een monumentale kerk omgebouwd tot hotel. De kamer van BUNK Utrecht zijn bescheiden van formaat maar je hebt wel alle faciliteiten privé. En de prijs is al net zo klein. Ook fijn. BUNK ligt op vijf minuten lopen van Utrecht CS. Fietsend ben je in minder dan 20 minuten bij de opstaplaats van de Fietsboot in Oud-Zuilen. Neem de toeristische route langs de Vecht.
Fietsroute Die Bergstrasse ligt in de warmste regio van Duitsland. Een mooie voor- en najaarsbestemming dus. Wij kozen voor standplaats Heidelberg en maakte vandaar enkele tochtjes naar romantische stadjes in de buurt.

Het landschap langs de Bergstrasse fietsroute in Duitsland
“When angels are on holiday the weather is nice”, is de reactie van iemand in Weinheim, als we zeggen dat we zo ontzettend blij zijn met het aangenaam warme, zonnige weer zo vroeg in het voorjaar. Mijn reisgenote en ik moeten er bijna van blozen. Een meer nuchtere verklaring is natuurlijk dat de Bergstrasse in de warmste regio van Duitsland ligt. Vandaar de bijnaam Duits Toscane. Afijn, hoe dan ook, we genieten. Het eerste wat we dan ook doen als we in Weinheim aankomen, is fietsen stallen en een plek uitzoeken op een van de vele terrasjes op het Marktplein voor een koffie met croissant.

Koffietijd? Zoek een plekje op het centrale plein vol terrassen in Weinheim
Fietsen van Heidelberg naar Darmstadt
We hebben er dan al een fietstocht vanaf Heidelberg opzitten via de Bergstrasse die van Heidelberg naar Darmstadt loopt, een traject van ongeveer 85 kilometer langs onder meer glooiende wijngaarden en rijen fruitbomen. Of eigenlijk zijn er twee routes, de klassieke route en de natuurroute die elkaar op sommige plekken kruisen. Op het stuk Heidelberg-Weinheim is de natuurroute veel vlakker dan de klassieke. Dus wie niet meer hoogtekilometers wil maken dan strikt noodzakelijk…

Al fietsend passeer je verschillende schattige dorpjes
Volop historie in Weinheim
Weinheim is klein maar desondanks een stadje waar we uren blijven plakken. De eeuwen historie spatten hier van de huizen, kerken en kastelen. En alles ziet er zo schattig uit dankzij de vele vakwerkhuizen. Vroeger waren er in de stad veel leerlooierijen en aan de prachtige huizen te zien verdienden enkelen daar goed geld mee. Het marktplein waar ook het oude stadhuis staat, was de plek voor de handel. Nu geniet iedereen daar op de terrassen van het goede leven.

Een van de knusse straten in Weinheim

Kunstig vakwerk in Weinheim, Duitsland
Maar dé verrassing van Weinheim is het vele groen. Er is een rozentuin, een homeopathische tuin, een exotisch bos en, onze favoriet, een botanische tuin Hermannshof. Het is een oase van bloeiende planten en bloesemende bomen, mede dankzij het mediterrane klimaat. De oudste bomen zijn al ruim 240 jaar oud.

Rondom Weinheim is het vooral heerlijk groen

Tulpen, tulpen, tulpen, het lijkt Nederland wel hier in Weinheim

Een van de oudste bomen in Weinheim, Duitsland
Culinair genieten langs die Bergstrasse
Van de Hermannshof is het enkele minuten wandelen naar de kasteeltuin. We waren van plan op het marktplein iets te eten maar kregen de tip om naar het Schlosspark restaurant te gaan. Misschien niet de plek om in een sportieve fiets-outfit te gaan zitten, maar wij hebben gelukkig een redelijk nette broek met T-shirt aan. Het restaurant is een mooie mix van een klassiek, chique decor met moderne inrichting. En de gerechten? Te lekker. En zo betaalbaar ook, bijvoorbeeld een hoofdgerecht van zalm op aspergerisotto en een soepje vooraf voor 14 euro.

Tijd voor de lunch in Weinheim langs de Bergstrasse
Heuvelachtige Bergstrasse
De terugweg begint met enkele pittige hellinkjes maar gaat daarna dalen we voornamelijk. Het eerste stuk is het wel goed opletten op de bordjes want we blijven links- en rechtsaf slaan, maar als we Weinheim eenmaal uit zijn, wordt het makkelijker. De weg gaat over in een rustig landweggetje en daarna in een fietspad. Een van de leukste stadjes die we op de terugweg passeren is wijnstad Schriesheim. Buurstad Ladenburg laten we even links liggen (of eigenlijk rechts) want dat is de bestemming voor morgen. Voor we er erg inhebben, zien we de eerste huizen van Heidelberg alweer.

Nog 18 km dan zijn we weer in Heidelberg
Fietsen langs de Neckar
Dag twee voelt Heidelberg al als thuis en dus besluiten we even niet op bordjes te letten maar kriskras door de stad richting rivier te fietsen. Er liggen verschillende bruggen over de Neckar, dus het is eenvoudig om naar de overkant te komen. We beginnen weer met een stuk Bergstrasse maar die buigt op een gegeven moment af en wij willen graag zo dicht mogelijk langs de rivier blijven rijden want ook daar ligt een heerlijk fietspad. Het is genieten van de ruisende gele koolzaadvelden en de fluitende vogels. Wat een rust. Ladenburg is wat bescheidener van omvang dan Weinheim. Maar ook hier zorgen de vele vakwerkhuizen weer voor sfeer. Er zijn volop terrassen voor een kop koffie en op vrijdag is er markt, altijd leuk. En handig voor het inkopen van wat picknickspullen voor een al fresco-lunch op een bankje aan het water.

Bruggen over de Neckar verbinden de twee dele van Heidelberg

Het charmante stadje Landenburg ligt ook langs de Bergstrasse

Let op de details op de huizen in Ladenburg, Duitsland

Koffie op een knus terras in Ladenburg langs de Bergstrasse
Relaxt fietsen lang de rivier
Net voor we Ladenburg in reden, zagen we een pontje naar de overkant. Een kaartje met fiets kost maar 60 cent en aan de overkant blijkt er alweer een fietspad vlak langs de rivier te lopen. Op ons gemak trappen we de 16 kilometer terug. Tijd genoeg om ’s middags Heidelberg te verkennen. Alles over de bezienswaardigheden en hotspots in Heidelberg beschreef ik al in een eerdere blog.

Met het veerpontje naar de overkant van de Neckar rivier
De kastelen van die Bergstrasse fietsroute
De Bergstrasse rijgt zo’n 30 kastelen en paleizen als een parelketting aan elkaar. De mooiste is waarschijnlijk het slot in Heidelberg. Dit kasteel was het decor van een romantisch liefdesverhaal: dat van de zeventienjarige Frederik V die trouwde met de even oude Engelse Elizabeth Stuart. Voor haar veranderde hij het eeuwenoude fort bovenop de berg in een paleis. Vanuit de paleistuin heb je een wijds uitzicht over de rivier en de prachtige Alte Brücke. Heidelberg is een bruisende studentenstad, met meanderende straatjes, een lange autovrije winkelstraat, prachtige bouwwerken en veel restaurants en cafés.

Ontdek het romantische verhaal van dit slot in Heidelberg
De trendy wijken van Heidelberg
We springen nog even op de fiets om de statige panden in de chique wijk Neuenheim aan de overzijde van de Neckar te bewonderen. En voor een dosis hip en trendy peddelen we naar de wijken die grenzen aan de oude stad: Bergheim en Weststadt. De Märzgasse en de Plöck zijn de straten voor leuke winkeltjes en hippe koffietentjes. Nog zin in een beetje cultuur? Dan is Sammlung Prinzhorn (Voßstrasse 2) een aanrader. De kunst die je hier ziet, is gemaakt door psychiatrische patiënten. We eindigen de dag in Cave 54 (Krämergasse 2), de oudste jazzclub van Duitsland waar zelfs Ella Fitzgerald op het podium stond.

Cultuur snuiven bij museum Sammlung Prinzhorn in Heidelberg

De mooiste brug over de Neckar ligt in Heidelberg
Lekker duurzaam: Fietsvakantie Heidelberg
-
Met de trein naar Heidelberg
De afstand Utrecht – Heidelberg is ongeveer 475 kilometer. Of ga met de trein, de snelste trein legt de afstand Utrecht-Heidelberg in iets meer dan vier uur af. In een aantal treinen kan de fiets mee.

Heidelberg en de Neckar, mijn stadplaats voor een fietstocht langs de Bergstrasse
-
De Bergstrasse fietsroute
Wij kozen voor standplaats Heidelberg maar het is ook mogelijk de Bergstrasse helemaal tot aan Darmstad of vice versa te rijden, een afstand van ongeveer 85 kilometer. Ook nu geldt: de natuurvariant is vlakker dan de klassieke Bergstrasse. Op deze website kun je de route invoeren en hoogteverschillen zien, ook in het Nederlands.
Geen vakantie zonder voorpret. Op deze website vind je informatie over de Bergstrasse en de plaatsen langs de route.

De Bergstrasse fietsroute staat ook op borden goed aangegeven
Tip: Te weinig tijd om de bijna 40 kilometer van Heidelberg naar Weinheim en terug te rijden? Dan kun je ook tram 5 van Heidelberg naar Weinheim nemen (de fiets mag gratis mee) en terugfietsen.
Restaurants in Heidelberg: 4 x eten
Heidelberg is een studentenstad. Dus waarom niet een keer in de mensa (het universiteitsrestaurant) eten? Een van de weinige gebouwen die niet in vlammen opging tijdens de grote brand van 1693 is de Marstall, grenzend aan de oude stadsmuur. Het interieur is volledig gepimpt en de oude stallen doen nu dienst als mensa. Iedereen is welkom, ook niet studenten. Het buffet bestaat uit een royale hoeveelheid salades en warme gerechten, vlees, vis en vegetarisch. Je schept op waar je trek in hebt, zet het bord bij de kassa op de weegschaal en afrekenen maar. Vervolgens is het kiezen tussen aanschuiven aan de tafels binnen of op de binnenplaats buiten.
-
Take away van de beste bakker
Wil je iets lekkers te eten meenemen voor onderweg? Fiets dan in Heidelberg eerst even langs bakker Göbes (Plöck 34) en koop de specialiteit: nusszopf. Dit is een brioche-achtig brood met kaneel en amandelspijs. Heerlijk. Ook voor vroege vogels, de winkel gaat al om 6 uur ’s morgens open.
Een aanrader voor (parttime) vegetariërs/veganisten is restaurant Red (Poststrasse 2). Ook een buffetrestaurant met verrassende en zeer smaakvolle vegetarische en veganistische gerechten. Take-away is ook mogelijk.

Lekker vegetarisch en vegan eten bij restaurant Red
-
Klassiek restaurant Heidelberg
Een klassieker in Heidelberg is Goldener Hecht (Steingasse 2), met een knusse inrichting en een klassieke keuken. De locatie is perfect, vlakbij de oudste brug van de stad. Het is beroemd omdat Goethe bijna in het bijbehorende hotel geslapen had: helaas waren alle bedden bezet toen hij aanklopte.

Traditioneel restaurant Goldener Hecht in Heidelberg
Hotels in Heidelberg: 3 x slapen
-
Viersterren hotel NH Heidelberg
Hotel NH Heidelberg ligt vlakbij het oude centrum van Heidelberg. Een deel van het NH Heidelberg hotel is nieuwbouw met trendy ingerichte kamers, een andere deel is ondergebracht in een voormalige brouwerij en ademt historie. In de lobby is de trap te zien waar de oude meesterbrouwer Friedrich Kleinlein ook op liep op weg naar een tweede, verborgen trap. Ben je in Heidelberg voor een weekendje-weg, vraag dan naar de Lazy Sunday late check out om 5 uur ’s middags.
-
Designhotel in Heidelberg
Is een design boutique hotel meer jouw ding, dan boek je een kamer in Boutique Hotel Heidelberg Suites. De 19de eeuwse villa is prachtig van buiten en adembenemend van binnen. Elk detail klopt. En dan het uitzicht over de rivier naar het oude centrum en het kasteel van Heidelberg.
Steffi’s Hostel ligt heel praktisch vlakbij het centrale treinstation van Heidelberg. Je kunt er kiezen voor de privacy van een tweepersoonskamer of een budget-bed (22 euro) op een 10 persoonskamer. En van alles daar tussenin. Er zijn een paar fietsen beschikbaar die je gratis kunt lenen. Bovendien is er een keuken voor gemeenschappelijk gebruik waar ook de hele dag gratis koffie en thee beschikbaar is.
Fietsen door het Vechtdal betekent grensoverschrijdend fietsen. De Overijsselse Vecht (zoals wij hem noemen) stroomt van het Duitse Darfeld in Münsterland tot het Nederlandse Zwolle waar de rivier uitmondt in het Zwarte Water. Ik volgde twee dagen fietsroute LF16.

Fietsen in het Vechtdal betekent soms ook de rivier oversteken
De hele Vechtdal fietsroute LF16 is 225 kilometer lang. Voor mij iets te ambitieus om in twee dagen te rijden, al was het maar omdat ik ook graag afstap om de natuur te bewonderen en lokale lekkernijen te proeven. Mijn minivakantie begint daarom in het Duitse Nordhorn, een stad die letterlijk omarmd wordt door de Vecht.
Nordhorn: Paradijs voor koopjesjagers
Wandelend door Nordhorn hoor je opmerkelijk veel Nederlands. De stad blijkt een populaire winkelstad te zijn voor mensen die net over de grens wonen. Omdat het winkelaanbod anders is, maar ook omdat veel producten in Duitsland aanzienlijk goedkoper zijn dan in Nederland. Het reisgeld heb je zó terugverdiend. Niet geïnteresseerd in winkelen? Slenter dan zeker even het Stadtpark in. Dit was ooit de privétuin van een rijke textielbaron. Nu is het een openbaar park vol bijzondere bomen en kleurrijke planten. En er is een zalig terras van bistro/café Zeitlos im Park, dé plek voor even helemaal niets.

Het Stadtpark in Nordhorn was ooit de privétuin van een rijke textielbaron

Het terras van bistro/café Zeitlos im Park in Nordhorn
Kunstmatig meer: de Vechtesee
Bij Nordhorn stroomt de Vecht het Vechtmeer in, splitst en loopt rond oude stad om dan weer als één rivier verder te stromen richting Zwolle in Nederland. Die Vechtesee is een kunstmatig meer. De Vecht nam al stromende veel zand mee en een groot deel van dat zand belandde in Nordhorn. Daardoor kwam de rivier steeds hoger te liggen en waren er geregeld overstromingen. Uiteindelijk is in twee jaar tijd zoveel zand weggezogen dat er een fors meer ontstond, de Vechtesee. Iets verderop ligt een fikse heuvel, het resultaat van het zand dat uit het meer gehaald is.

Het Riverside hotel aan de Vechtesee in Nordhorn
Vechtdal: relaxen op het water
Vóór ik op de fiets stap, wil ik nog even het water op. Dat kan in Nordhorn op verschillende manieren. Lekker sportief met een kano (€ 15,- voor 3 uur), een waterfiets (voor € 3,50 p.p.p.u.) of heerlijk relaxt met een rondvaartboot (€ 7,- p.p. voor een uur) waarbij je ook nog volop informatie krijgt over het heden en verleden van de voormalige textielstad Nordhorn. Ik scheep in voor een rondje over de Vechte (zoals de Vecht in Duitsland heet) en de Vechtesee. Ik leer dat de Vecht ontspringt bij Darfeld in het Duitse Münsterland. Even later passeren we een platbodemboot in de oude haven van Nordhorn. De naam Jantje verraadt dat het schip Nederlandse roots heeft. Wij varen verder, bukken zo nu en dan diep voor lage bruggen en komen meer te weten over het textielverleden van Nordhorn. Tot de jaren ’80 vorige eeuw was de textielindustrie voor veel inwoners een belangrijke werkgever. Nu zijn verschillende industriële panden omgebouwd tot hippe woonwijken, met huizen pal aan het water. Leuk wonen.

Platbodem Jantje in de oude haven van Nordhorn

De St. Augustinus Kirche in Nordhorn, Duitsland
Fietsen in het Vechtdal
De volgende ochtend ga ik op zoek naar de bordjes LF16b Vechtetalroute. Zij vormen mijn gids deze fietsvakantie. Al snel verlies ik de Vecht uit het oog, maar vanaf Emlichheim loopt het fietspad pal langs de rivier. Op een kilometer of 6 à 7 van Laar kun je kiezen om linksaf of rechtsaf te gaan. Rechts natuurlijk, vanwege het Kurbelfähre über die Vechte ofwel met een zelfbedieningspontje de Vecht oversteken. En dan is het nog maar een klein stukje over een dijk naar de molen bij Laar. Daar aan de Vecht ligt ook de aanlegsteiger voor de Vechtezomp, een 200 jaar oude platbodemboot die als thuisbasis Gramsbergen (NL) heeft. Maar daarover later meer. Een uitgebreide bezichtiging van de molen kan ook achterwege blijven. En ja, over het waarom ook later meer.

Na Emlichheim loopt het fietspad pal langs de Vecht

Naar de overzijde van de Vecht met het pontje

De Vechtdalroute staat overal goed aangegeven

In alle vroegte fietsen langs de Vecht in Duitsland
Micro-brouwerij Mommeriete
Al snel na het verlaten van Laar veranderen de Duitstalige Vechtetalroute bordjes in Nederlandstalige bordjes Vechtdalroute. En eenmaal op Nederlands grondgebied duurt het niet lang voor micro-bierbrouwerij Mommeriete in Gramsbergen in zicht komt. Jottem, wat een fijn terras aan het water! Maar loop voor je neerploft zeker even naar binnen, want dit huis deed eeuwenlang dienst als huiskamercafé. Terwijl schippers en andere bezoekers genoten van hun biertje, lagen de kinderen al in de bedstee te slapen. In dezelfde ruimte! Aan het interieur van het schipperscafé is door de eeuwen heen nauwelijks iets veranderd. In de aangrenzende ruimte staan de koperen ketels waarin tegenwoordig bier gebrouwen wordt. In de wintermaanden kun je hier zelfs een workshop bierbrouwen volgen. Bier proeven kan het hele jaar door! Soms zit het mee…

Het interieur van huiskamercafé Mommeriete

Biertje van microbrouwerij Mommeriete in Gransbergen
Varen met de Vechtezomp
Na de lunch bij bierbrouwerij Mommeriete stap ik in de Vechtezomp. De Vechtezomp is een platbodemboot van 200 jaar oud die in ongeveer een uur over de Vecht naar Laar (D) vaart. Jawel, dat plaatsje waar die molen stond, en terug. Onderweg krijg je terwijl je geniet van het uitzicht uitleg over het landschap, de bewoners van het Vechtdal en de geschiedenis van dit bijzondere gebied. Heerlijk, even uitwaaien en de benen rust gunnen. En genieten van de stilte want de oude schuit heeft wel een moderne elektromotor. In Laar heb je een uur de tijd om de molen en de omgeving te verkennen. Daarna vaart de Vechtezomp terug naar Gramsbergen. Met een sympathiek prijskaartje van slechts 14 euro p.p. een must do tijdens je fietsvakantie in het Vechtdal.

De Vechtezomp legt een uurtje aan in Laar, Duitsland

De molen van Laar in Duitsland

Met de fluisterstille Vechtezomp van Gransbergen naar Laar en terug

Boerderijen langs de Vecht
De Vecht krijgt ruimte
Meanderend door het Overijsselse landschap (wat is het hier mooi!) passeer ik Hardenberg om via het natuurgebied Rheezermaten in Rheeze te belanden. In dit gebied krijgt de Vecht weer ruimte om te meanderen zoals de rivier vroeger ook deed. Hoe het er hier eeuwen geleden uit zag, is gemakkelijk voor te stellen als je brinkdorp Rheeze binnen fietst. De brink was de plek waar de dieren zomers verbleven. Ook al grazen er geen koeien of schapen meer op de brink, wel staan er rond de oude grasvelden enkele Saksische boerderijen in originele staat. In één ervan zit sinds enkele jaren Theetuin De Rheezer Kamer.

Een van de Saksische boerderijen nu de Rheezer Kamer, een B&B en theetuin

Mooie boeketten op tafel maken de Rheezer Kamer extra sfeervol
Theetuin de Rheezer Kamer
Bij deze monumentale boerderij moet je op zonnige dagen bijna vechten om een plekje op het sfeervolle terras. Want de theetuin ligt niet alleen aan de Vechtdal-fietsroute maar óók aan het Pieterpad. Maar zonder vele wandelaars is dit monumentale dorpje een en al rust. Een van de Saksische boerderijen is nu de Rheezer Kamer, een B&B en theetuin. Zorg dat je hier rond koffietijd, theetijd of lunchtijd bent voor een koffie of thee met huisgemaakte taart. Om hier te logeren, moet je een beetje geluk hebben. Eigenaresse Astrid transformeerde de potstal tot een prachtige design B&B gastenkamer. En is dus maar één, zeer royale studio (85m2). Maar er wordt gewerkt aan een tweede.

Tijd voor thee en taart bij Theetuin de Rheezer Kamer
Fietsen van Ommen naar Zwolle
In Ommen stal ik mijn fiets voor de nacht. Tijd voor een drankje op het stadsstrand van Hotel De Zon met uitzicht over de Vecht.
Ik zit de volgende ochtend nog maar net op mijn fiets of het is alweer tijd om even af te stappen. Landgoed Vilsteren ligt op een halfuurtje fietsen van centrum Ommen. In het voorjaar is de tuin van dit landgoed een tapijt van paars/blauwe boshyacinten. Over Landgoed Vilsteren lopen verschillende fiets- en wandelpaden en er zijn vijf wandelroutes met ieder een thema uitgestippeld. Tegenover het landhuis staat de Vilterse molen, een achtkantige stellingkorenmolen.

Fietsen onder de bomen bij Vilsteren

Landgoed Vilsteren ligt vlakbij Ommen

De Vilterse molen deed bijna 100 jaar dienst als korenmolen
Zondagsfietsers en racefietsers
Net als ik bedenk hoe heerlijk rustig het deze zondagochtend is op de weg worden we bij sluis De Stuw bijna van de sokken gereden door groepen racefietsers. Ze razen als idioten voort, ondanks het bordje met ‘alleen wandelpad, fietsers afstappen’. De sluiswachter haalt berustend de schouders op. Hij is het gewend. Hij geniet vooral van de mooie omgeving, zijn bekertje koffie en een praatje met mensen die minder haast hebben. Druk heeft hij het niet, zo aan het begin van het voorjaar. Gisteren gingen er exact nul boten door de sluis. Een mooi moment om het sluishuisje te ontdoen van spinnen en bijbehorende webben en het gras te maaien, klinkt het laconiek.

De Vechtdal fietsroute is meestal heerlijk rustig
Uitkijken over het Vechtdal
Net voor Dalfsen trekt de 20 meter hoge uitkijktoren de Stokte van Aterliereen Architecten de aandacht. De toren bestaat uit duurzame materialen en werd gebouwd in het kader van het provinciaal project Ruimte voor de Vecht. Vanaf het plateau op 18 meter hoogte heb je een weids uitzicht over de het vlakke Nederlandse landschap.

De uitkijktoren de Stokte van Aterliereen Architecten
In Dalfsen is het manoeuvreren tussen de kerkgangers die net de zondagsdienst uitkomen. En daarna komt een van mijn favoriete kunstwerken in zicht: de zwevende kei van Dalfsen. Een uit de kluiten gewassen paddenstoel van een liggende steen die perfect balanceert op een klein steentje. Nou ja, zo lijkt het. In werkelijkheid zit het 30 ton wegende brok beton vast aan een constructie die 17 meter in de grond verankerd zit. De Vechtdalroute loopt voor een groot deel parallel aan de kunstroute. En dat betekent dat je links en rechts van het fietspad geregeld moderne kunstobjecten ziet. In totaal staan er in dit grootste openbare openluchtmuseum van Europa ruim 80 werken van hedendaagse kunstenaars.

De zwevende kei van Dalfsen langs de Kunstroute
Koffie met krentenwegge bij Boerhoes
De tijd vliegt voorbij in dit rustgevende landschap van het Vechtdal. Het is alweer koffietijd als we Hof Boerhoes in Dalfsen in het oog krijgen. Natuurlijk is het tijd om de fietsen te stallen. Het terras in de perenboomgaard ligt er uitnodigend bij. Maar net nu begint het zachtjes te regenen. Gelukkig is er ook een overdekt gedeelte waar een houtvuur knapperend brandt. Eigenaren Antje en Thomas komen met thermosflessen koffie, thee en de lokale lekkernij krentenwegge en dan wordt het even stil.

Het uitnodigende terras van Hof Boerhoes in het Vechtdal
Slapen op de boerderij
Je kunt bij Hof Boerhoes logeren in een van de drie gastenkamers, in de Bedde & Bruggien, zoals het in het lokale dialect heet. Of je tentje, camper of caravan neerzetten op de boerencamping. De energie wordt opgewekt door zonnepanelen. Gasten mogen zelf groenten en fruit oogsten in de moestuin als ze een beetje meehelpen op de boerderij. Kinderen genieten overdag volop van de scharrelvarkens en de mini-koeien op het erf. Ik zie me vooral ’s avonds zitten op de dijk met uitzicht over de Overijsselse Vecht.

Bij Hof Boerhoes uitkijken over de dijk en het Vechtdal
Het einde van de rivier de Vecht
Bij Berkum leidt de Vechtdalroute in een grote bocht rond het stedelijk gebied van Zwolle. Dit natuurgebied ten noorden van de stad is een van mijn favoriete delen van de route. En dat zo dicht bij het centrum van Zwolle. We rijden een stukje langs het Zwarte Water waarin de Vecht iets verderop geëindigd is. Dan zien we de opvallende opbouw van Museum de Fundatie. En dat betekent het einde van de fietsroute door het dal van de Overijsselse Vecht.

Museum De Fundatie in Zwolle
Naast de Fundatie zit restaurant Villa Suikerberg. Ik eet er een van de lekkerste gepofte tomatensoepen ooit. Daarbij royaal belegde sandwiches die ook al niet te versmaden zijn. Mijn laatste bestemming na een rondje door het oude centrum van Zwolle is het Zwolse Balletjeshuis waar in de kelder nog altijd volgens eeuwenoud recept snoepjes van suikerdeeg gemaakt worden. Lekker voor in de trein naar huis.

Lunchen bij restaurant Villa Suikerberg

Zwolse Boterballetjes worden al eeuwen volgens hetzelfde recept gemaakt
Wil je weten wat er nog meer te doen is in Zwolle? Eerder schreef ik al een blog over de hotspots in de hippe Hanzestad Zwolle.
FIETSEN IN FRANKRIJK
Krijg je geen genoeg van leuke fietsroutes? In Frankrijk fietste ik langs de wijngaarden van de Bourgogne. Een heerlijke kennismaking met goede wijnen, lieflijke dorpjes en imposante kastelen.

Fietsen in de Bourgogne, Frankrijk
De Bourgogne kent vrijwel iedereen van de goede wijnen die er gemaakt worden. Maar het blijkt ook een fantastisch fietsgebied met glooiende heuvels vol wijngaarden en vlakke fietspaden waar ooit treinrails lagen. Een gemoedelijk dorpje met goede restaurants is nooit ver weg. Een lekker Bourgondische, maar ook duurzame bestemming.

Beaune is een mooi beginpunt voor een fietsvakantie in de Bourgogne
We hebben ons verfietst, aldus vriendin Chantal die me gezelschap houdt deze trip. Verfietsen, een prachtig woord, dat houden we er in! Het begint dus goed. We gingen nog even het centrum van Beaune in op onze eerste fietsdag want het Hôtel Dieu is een bezienswaardigheid die je niet mag missen. Het flamboyante oude ziekenhuis met de prachtig gekleurde dakpannen was van 1443 tot 1971 in gebruik. Mooi om door die eeuwen van historie te dwalen. Nu we toch in Beaune zijn, verkennen we gelijk de twee kilometer lange oude stadsmuren met stoere bastions, schattige middeleeuwse straten en de imposante kathedraal Notre Dame.

Hôtel Dieu, het flamboyante oude ziekenhuis in Beaune

Een van de ziekenzalen in Hôtel Dieu in Beaune

Wandelen over de oude muren van Beane, Bourgogne
Maar afijn, we komen om te fietsen en de eigenaren van het sfeervolle Hotel Le Home waar we logeerden hadden keurig uitgelegd hoe we bij het begin van La Voie des Vignes moesten komen. Maar wel vanaf het hotel en niet vanuit het centrum. Een eerste verdwaalmomentje. En een goed moment om het schoolfrans op te halen en de weg te vragen.

Vintage badkamer in het cosy hotel La Home in Beaune

We hebben ons ‘verfietst’ en dus komt de kaart met de fietsroute goed van pas
Wijnen van de Bourgogne
La Voie des Vignes is een 22 kilometer lange fietsroute dwars door de beroemdste wijngaarden en dorpen van de Bourgogne. In de met gestapelde stenen ommuurde wijngaarden is volop werk te verrichten. Voor ons ook trouwens, want de wijndorpen van de Bourgogne liggen op hellingen en dat betekent enkele venijnige klimpartijtjes. Gevolgd door heerlijk ontspannende afdalingen over bijna verlaten wegen. Klinkende namen verschijnen op toegangsborden bij dorpen opgetrokken uit vriendelijk geel gesteente: Volnay, Meursault, Puligny Montrachet… Ze doen ons het water in de mond lopen.

Fietsen langs de La Voie des Vignes in de Bourgogne

Mooie pandjes langs de fietsroute in de Bourgogne
Voie des Vignes naar Santenay
En dat is goed want aan het eind van de Voie des Vignes ligt Santenay met het prachtige wijnhuis van Prosper Maufoux. Een voormalig notaris besloot in 1860 zijn hart te volgen en van wijn zijn nieuwe werk te maken. Geregeld zijn er rondleidingen door de wijngaarden plus een kijkje in de kelders waar houten vaten met het kostbare vocht liggen opgeslagen. Gevolgd door een proeverij met specialiteiten van de Bourgogne in de wijnkelder. Wij mogen bij uitzondering aanschuiven aan een prachtig gedekte tafel in het huis waar François de uit de kelder geselecteerde flessen opent en Pascale (een schat van een vrouw die ooit getrouwd was met iemand van de vierde generatie Maufoux) ons een heerlijke lunch voor zet. We beginnen met een typisch specialiteit van de Bourgogne, de gougeres, een soort uit de kluiten gewassen soesje met kaas. Daarna volgt onder meer koude meiraapsoep en een dessert van aardbeien en ijs van peperkoek.

Het schattige pleintje van wijndorp Santenay in de Bourgogne

Lunchen bij wijnhuis Prosper Maufoux in Santenay.
Voie Verte richting Chalon sur Saône
Twee uur later wijst François ons het begin van onze nieuwe route, de Voie Verte richting Chalon sur Saône. Nu begint het ontspannen fietsen langs het Canal du Centre, volledig vlak alhoewel een pittig briesje uit de verkeerde hoek de benen toch aan het werk zet. Eindeloze velden met koolzaad staan in bloei. We zien een enkele fietser, een handvol wandelaars er skateboarders maar verder hebben we het pad voor onszelf. We passeren boten die geregeld moeten stoppen bij alweer een sluis terwijl wij lekker door kachelen. Bij Chalon sur Saône blijkt Google maps onmisbaar want daar switchen we van de ene Voie Verte naar de andere en dat gaat via een opeenvolging van links- en rechtsafjes door de buitenwijken van de stad.

Vlakke fietsroute langs het water in de Bougogne

Even terug in de tijd in de wijngaarden van de Bourgogne
Bourgogne: B&B Moulin Madame
En dan opeens is daar Givry met aan de rechterzijde van het fietspad Moulin Madame, de B&B voor de nacht. Mijn koffertje is door de fietsverhuurder gebracht en staat al klaar in de rode kamer (die van Chantal in de oranje). Het blijkt een zeer royale kamer met een dieprode muur, een openhaard en een houten balkenplafond. Het diner wordt beneden geserveerd, aan een soort kasteeltafel. Het aperitief is een heerlijk glas Bourgogne Aligoté. Na het eten beklim ik de unieke houten trap en plof in bed. Wat een fantastische eerste fietsdag.

Bestemming bereikt: hotel Moulin Madame

Adellijk logeren na een dag fietsen bij B&B Moulin Madame
Regen in de Bourgogne
Regen, regen, regen, dat was de voorspelling voor de volgende dag en helaas die voorspelling komt uit. We zien vooral de binnenkant van onze capuchons maar proberen zo nu en dan opzij te kijken want het landschap is verbluffend mooi. Veel weilanden en zo nu en dan een wijngaard. Het fietspad is geregeld overkapt met bomen in hun frisse, lentegroene tooi. We proberen de enorme slakken op het fietspad te ontwijken en genieten ondanks het weer van het niet aflatende getsjilp van vele vogels.

Yep, soms komt de regen met bakken uit de hemel in de Bourgogne

Mooie fietspaden onder de bomen in de Bourgogne

De kleurrijke lappendeken van de Bourgogne
Struinen door kasteel Cormatin
Kasteel Cormatin is een heerlijke stop en niet alleen omdat we er even kunnen ontsnappen aan de regen. Het kasteel kent een lange historie en de inrichting is overdadig en kitsch. De rondleiding biedt een indringend kijkje in het leven van vroegere bewoners. Ze hadden vreemde gewoontes, de slaapkamer was een soort publieke ruimte waar iedereen zonder kloppen binnenliep en er werd zelfs gegeten. Naast de slaapkamer ligt een klein kamertje en dat was de privéruimte waar bewoners zich even onbespied konden terugtrekken. Bijzonder is ook het rariteitenkabinet, een kamer vol opmerkelijke objecten als opgezette krokodilletjes en schildpadden waarmee de eigenaren bezoekers wilden imponeren.

Het kasteel van Cormatin, tijd om even van de fiets te stappen

Fietsen in de Bourgogne betekent ook afstappen, bij het kasteel Cormatin bijvoorbeeld
Verrassing: dit is Cluny
De laatste 14 kilometer naar onze stop voor de nacht hebben we het eigenlijk wel gehad met de regen. Maar voor we chagrijnig kunnen worden, is daar Cluny, en wat een aangename verrassing is dat. Een prachtige, kleurrijke stad met een enorme abdij. Die gaan we later verkennen, maar eerst een warme douche in gîte Clos de Abbaye en een setje droge kleding.

Fietsen door de mooie straten van Cluny, Bourgogne
Zaterdagmarkt in Cluny
Wat een verrassing, op het plein tussen onze gezellige gîte en de abdij is ’s zaterdags een markt. Het is dat we nog moeten fietsen, anders had ik zeker enkele artisjokken gekocht. Ze zijn zo groot als volleyballen. In plaats daarvan lopen we door naar de indrukwekkende abdij voor een audiotour. Cluny is met de vele kerken, opgravingen, een gezellige winkelstraat met patisserieën en winkeltjes met lokale producten eigenlijk een stad waar je een hele dag wilt blijven. Nog een petit café dan, want voor de eerste kilometers tot aan de beroemde Tunnel du Bois Clair hebben we wel wat extra cafeïne nodig.

De abdij is een van de bezienswaardigheden van Cluny

De galerij in Cluny, een van de knusse stadjes van de Bourgogne
Op weg naar Mâcon
Het zijn opnieuw pittige hellinkjes. Waar is een e-bike als je er een nodig hebt? Maar het landschap is alweer betoverend. Zeker als, heel verrassend, de zon toch even doorbreekt. En dan is er een tunnel, ruim anderhalve kilometer lang en erg frisjes. In de winter is de tunnel gesloten om de daar levende vleermuizen te beschermen. Na de tunnel zijn de heuvels verleden tijd. Of eigenlijk zijn ze er wel maar we rijden vrijwel continu heuveltje af.

Mooie pandjes langs de fietsroute in de Bourgogne

Fietsen langs wijndorpen en kastelen in de Bourgogne, Frankrijk

Na een tunnel is er weer daglicht: fietsen in de Bourgogne
Benen strekken aan het water
Verrassend snel arriveren we in Mâcon, de meest zuidelijk gelegen grote stad van de Bourgogne. Bij de kathedraal van St. Pierre horen we muziek. Tegenover de kerk ligt het stadhuis waar op zaterdag aan de lopende band trouwerijen zijn. Eén bruidspaar laat via vuurwerk en muziek aan ongeveer de hele stad weten dat ze officieel ‘ja, ik wil’ gezegd hebben. En dat op z’n Frans natuurlijk. Wij slenteren door naar de Saône. Op een terras aan het water naast de Jardin Romantique is het genieten van de vissers en de voorbij varende bootjes. Iets verderop ligt de indrukwekkende pont Saint Laurent, de brug met twaalf bogen. We snappen inmiddels hoe veelomvattend het Bourgondische leven is.

Relaxt fietsen in de stad Macon, Bourgogne

Pasgetrouwd stel in de stad Macon, Bourgogne
Mâcon en verder
Mâcon, aan de rivier de Saône, is het startpunt van nog een fietsroute, de Voie Bleue, want gelegen langs het water. Het is ongeveer 35 kilometer fietsen naar Tournus, beroemd vanwege de kathedraal. Wij overnachten zo’n 10 kilometer voor Tournus bij een zeer landelijk gelegen gîte, Le Moulin de Peroline in Montbellet. In de familiesuite met twee kamers klinkt op de achtergrond onafgebroken het rustgevende geluid van de watermolen. De eigenaar is zo aardig ons naar het restaurant voor die avond te brengen, zodat we niet (het is inmiddels weer gaan regenen) doorweekt aankomen voor het diner. De uitbaters van restaurant La Chaumiere weten wat goed eten is. De presentatie is trouwens ook een feestje, dankzij allerlei bloemetjes lijken de borden op eetbare lentetuinen.

De kleurrijke huizen van Macon in het zuiden van de Bourgogne
Met de trein naar de Bourgogne
Een heerlijk comfortabele manier om naar de Bourgogne te reizen is met de trein. Ga met de Thalys naar Parijs en vandaar verder met regionale treinen of de TGV.